Het werk is een schoolvoorbeeld van het fotorealisme, dat in de traditie van kunstenaars als Ralph Goings alledaagse gebruiksvoorwerpen centraal stelt. Waar Goings vaak het kille licht van Amerikaanse diners en reflecterend chroom vastlegde, gebruikt Rob de Vries hier de fotorealistische techniek om de tactiele realiteit van textiel en rubber te ontleden. Typerend voor deze stijl is de totale objectiviteit: de kunstenaar treedt terug achter het onderwerp en laat het toneel over aan de precieze weergave van licht, schaduw en materiaaltextuur. Door de enorme detaildiepte, die het normale menselijke gezichtsvermogen overstijgt, krijgt het eigenlijk banale object een bijna iconische, monumentale aanwezigheid.
De weergave in Versleten maar nog steeds draagbaar richt zich op meesterlijke wijze op de haptische details van een paar versleten Converse-sneakers. Als onderdeel van de serie Herinneringen aan een gelukkige jeugd werkt de Vries de barsten in het rubber, de gerafelde veters en de vervaagde textuur van de stof zo nauwkeurig uit dat de titel direct voelbaar wordt. De compositie, waarbij de ene schoen zwaar op de andere rust, creëert een sterke plastische diepte tegen de diepblauwe achtergrond. Elke kras op de rubberen neus wordt een getuigenis van kinderlijke avonturen en onderstreept het karakter van de serie, waarin gebruikssporen worden gepresenteerd als waardevolle relikwieën van een gelukkige jeugd.